In een nieuwe pot: planten & verpotten

Kruiden, vrolijke bloeiers, groente, zelfs een mini-boom: ze doen het prima in een pot. Om goed te kunnen groeien, hebben je planten wel regelmatig een grotere pot nodig, met nieuwe voedzame aarde. In de lente begint het groeiseizoen: tijd dus om bestaande planten te verpotten en nieuwe aanwinsten te planten.

Dit zijn onze tips: 

Stap 1: leg alles klaar

  • Planten  
  • Pot of bloembak neem een pot 1 of 2 maten groter dan de pot waar de plant uit komt. Kies voor een pot/bak met één of meer gaten in de bodem. Een pot zonder gaten wordt bij de eerste regenbui een vijvertje! 
  • Potscherven, bv. van kapotte bloempotten
  • Emmer of teil met water 
  • Gieter 
  • Potgrond

Zijn je planten te groot voor hun pot geworden? Lees hier Hoe je ze het beste kunt verpotten

Bloemen en dunne, hangende takken kunnen beschadigen bij het verpotten. Blad van vetplanten gaat snel kapot als je ze teveel vast moet pakken. Met onderstaande methode is het verplanten 'pijnloos' voor je plant. En ook voor jou, als je bv. een cactus in een grotere pot wil zetten. Bescherm je handen tegen de stekels door hem eerst voorzichtig in een dikke krant te wikkelen.

  1. Vul de nieuwe pot met scherven en een laag potgrond zoals hierboven beschreven.  

  2. Haal je plant uit zijn te kleine pot. Zet dit oude potje op de aarde en vul de grote pot rondom de kleine verder op. Druk de aarde stevig aan tot ca. 2 cm onder de rand van de pot. 

  3. Haal het kleine potje weg: je hebt nu een plantgat van exact het formaat als de oude pot.  

  4. 'Pluk' indien nodig de worteltjes wat los, dan groeien ze makkelijker door in de nieuwe grond.  

  5. Laat de plant in het gat zakken en vul indien nodig nog wat aarde aan. Geef royaal water.

Hoe plant je je nieuwste aanwinsten? 

  1. Zet een nieuwe terracotta pot eerst in een emmer water. Het droge, poreuze aardewerk zuigt zich vol. Zo haalt het straks geen water uit de potgrond, dat is beter voor de plant. 

  2. Zet ook je planten voor het (ver)planten een uurtje in water. Zo kunnen de worteltjes zich alvast volzuigen. Zijn de wortels helemaal in de rondte gedraaid? 'Pluk' ze voorzichtig los met je vingers, dan groeien ze straks goed door.  

  3. Leg wat potscherven, met de bolle kant boven, op de bodem van je bloempot en op het gat. Dit voorkomt dat de potgrond door het gat wegspoelt bij een regenbui. Leg nu een laag aarde op de scherven en druk die licht aan.

  4. Haal de plant voorzichtig uit zijn (oude) pot. Als je een grotere plant uit zijn bestaande pot wil halen, doe je dat zo: leg één hand op de bovenkant van de aarde, pak met je andere hand de onderkant van de pot en keer die om. De potkluit glijdt uit de pot en op je hand. 

  5. Zet je plant in zijn nieuwe pot, op de laag aarde: de bovenkant van de potkluit moet uiteindelijk 1 a 2 cm onder de rand van de pot uitkomen. Zo houd je straks ruimte om water te geven.  

  6. Wil je meerdere planten, bv. kruiden, samen in één grote pot? Zet ze niet te dicht op elkaar, zodat ze ruimte hebben om te groeien. Kijk of je een mooie verdeling hebt gemaakt, nu kan je nog veranderen. Is het naar je zin? Vul dan de pot verder op met aarde en druk die aan. 

  7. Zet je nieuwe pot of bak op de gewenste plek en geef flink water. Let op: planten in potten hebben veel water nodig, zelfs als het regent. De bladeren werken vaak als 'paraplu' waardoor regenwater de potgrond niet bereikt. Een poreuze terra cotta pot verdampt zelf ook water. Tip! zet in de zomer schotels onder je potten, dan heeft je plant een 'voorraadje' water.

Deze foto's zijn gemaakt in de prachtige tuinen van Groentemuseum 't Grom in Sint-Katelijne-Waver, België.