Groen in huis: onze tips voor je kamerplanten

Wij houden van veel groen, ook binnen. Met onze planten haal je de natuur in huis, ze zijn prachtig om naar te kijken, leuk om te verzorgen, te zien groeien en te stekken. En al die planten zorgen ook voor jou: ze zuiveren de lucht in je huis en de kleur groen heeft een heel positieve invloed op ons humeur. 

Leuk dus, een prachtige nieuwe plant erbij, maar hoe houd je al dat groen echt groen, ook na een paar maanden? De een heeft groene vingers en al veel ervaring met planten, anderen nog niet. Toch is het niet moeilijk om je kamerplanten in goede conditie te houden. Wij geven je een aantal tips!

DE JUISTE PLANT VOOR DE JUISTE PLEK

Welke plant zet je waar in huis? Welke plant voelt zich thuis op een zonnige, droge vensterbank? En welke kies je juist voor dat beetje donkere hoekje, of voor een koele slaapkamer? Het antwoord lijkt moeilijk maar is het niet: geef je plant de omstandigheden van de plek waar hij oorspronkelijk vandaan komt, en je maakt hem blij. En jezelf dus ook.

Twee voorbeelden: cactussen en vetplanten komen oorspronkelijk uit droge, woestijnachtige  gebieden met heel veel zon. Zo'n plant is dus gelukkig op het zonnigste, warmste plekje in huis en kan met weinig water toe. Met varens, gatenplanten of begonia's met van dat mooie getekende blad, is het een heel ander verhaal: die groeien in het bos, in de vochtige, koele schaduw. De ideale keuze dus voor de badkamer, je slaapkamer of een wat minder lichte plek in huis. Deze planten zal je meer en vaker water moeten geven. Kortom, achterhaal de plek waar jouw plant vandaan komt en je weet waar je hem moet zetten en hoe je hem moet verzorgen. Informatie vind je vaak op het label in de pot.

WELKE PLANT PAST BIJ JOU?

We hebben gezien dat als je je plant een plek geeft waar hij zich van nature thuis voelt, de kans op succes, een blije, gezonde plant dus, groot is. Bedenk ook welke soort plant bij jou past: ben je een verzorgend type, dan kun je het best planten uitkiezen die graag en vaak vertroeteld willen worden. Vergeet je regelmatig dat je planten in huis hebt? Dan is een cactus of vetplant een beter idee. 

Zoek dus in ieder geval een plant uit die bij jouw manier van leven past én bij de omstandigheden in je huis. De medewerkers in onze winkels helpen je graag met je keuze. Of neem alvast een kijkje op het label in de plantenpot of in een van onze plantenboeken.

VOOR ZORGZAME TYPES

Groene, kruidachtige planten hebben relatief veel aandacht nodig maar zijn zeker niet 'moeilijk', zeker als jij je planten graag vertroetelt. Varens, en planten met grote groene bladeren, hebben vaak een licht vochtige grond nodig. Check de vochtigheid regelmatig door een vinger in de potgrond te steken. Voelt die droog aan, dan wil je plant graag een gietbeurt. De planten staan echter niet graag constant met hun wortels in het water. Kies dus voor een pot met een gat onderin of leg onderin een laagje potscherven vóór je de potgrond erin doet.
Dit soort planten staan uiteraard niet graag in de volle zon en vinden een sproeibui ook heel prettig. Na een paar maanden geef je ze ook af en toe een beetje plantenvoeding, en als ze goed groeien zet je ze een grotere pot. 

Wolkje van geluk (Muehlenbeckia), zinkvaren (Phlebodium), watercacao (Pachira aquatica), allerlei Begonia's en Alocasia (Alocasia lauterbachiana) zijn echt planten voor jou! 

Tip: Planten met decoratief blad, zoals deze begonia, blijven het mooist als je ze niet in de felle zon zet. 

VOOR MENSEN DIE HUN PLANTEN AF EN TOE VERGETEN

Cactussen en vetplanten kunnen tegen een stootje. Ze hebben weinig water nodig: in de zomer één keer per twee weken en in de winter slechts één keer per maand. Water slaan ze op in hun dikke bladeren. Geen ramp dus als je de gieter een keertje vergeet. Zet ze op een zo licht mogelijke plek, de meeste kunnen prima op een warme zonnige vensterbank. In de zomer kunnen ze naar buiten.
Aanraders voor de vergeetachtige groenliefhebber zijn o.a. de Chinese geldboom (Crassula ovata), het erwtenplantje (Senecio rowleyanus), aloë (Aloë vera) en Rhipsalis (Rhipsalis cassutha). Ook Zamioculcas (Zamioculcas zamifolia), regendruppelplant (Peperomia ‘Rain Drop’) zullen het bij jou goed doen.

Een geval apart is de graslelie (Chlorophytum comosum). Ook dit is echt een 'makkelijke' plant. En geef je hem regelmatig water, dan word je beloond met mooie nieuwe plantjes die aan de moederplant groeien. Daar kan je weer nieuwe planten van kweken. De graslelie zet je overigens ook op een licht plekje maar het liefst niet in de felle zon. In tegenstelling tot vetplanten en cactussen heeft deze lange, dunne bladeren die snel bruin worden van teveel zon.